Met Kemai Coaching wil Maarten Wang bedrijven helpen om inclusiever te worden. Ook coacht hij mensen met een multiculturele achtergrond en/of beperking om hun identiteit te kunnen omarmen met als doel: het volledig benutten van hun talenten. Een interview over de waarde van de zoektocht naar identiteit.

Maarten Wang
Na een carrière als D&I adviseur voor verschillende internationale bedrijven, begon Maarten Wang voor zichzelf. Diversiteit en inclusie had hij al eerder ontdekt als ‘het onderwerp’ waar hij zich op wilde richten. “Dat begon toen ik tijdens mijn opleiding een stage zocht. Ondanks dat ik nauwkeurig onderzoek deed waar ik mijn talenten verder wilde ontwikkelen, merkte ik dat ik vaak werd afgewezen om vage redenen. In totaal 60 keer.”
Wang kan het gevoel niet onderdrukken dat zijn beperking daarbij een rol speelde. “Voor mij is het vanzelfsprekend dat ik spasme heb en een rolstoel gebruik. Ik ben niet anders gewend. Maar dat wil niet zeggen dat dat voor anderen ook zo is. Ik merkte dat zij vooral een rolstoel zagen. En hoewel ik dat begrijp, omdat dat in het oog springt, is dat niet mijn volledige identiteit. Ik ben niet die rolstoel maar ik gebruik een rolstoel.’
De zoektocht naar manieren om mensen niet tot hun beperking, of hun multiculturele achtergrond als stereotype te reduceren, houdt Wang sindsdien bezig. Met Kemai Coaching (Kemai is zijn tweede naam en betekent in het Chinees ‘in staat zijn tot vooruitgang’) richt hij zich dan ook heel bewust op zowel bedrijven als individuen.
Identiteit
“Dit vraagt iets van iedereen. Als mensen mij zien, zien ze een man in een rolstoel. Maar ik ben ook half Chinees en dat is voor mij een veel belangrijker deel van mijn identiteit.”
Wang vergelijkt het begrip identiteit met een kledingkast. “Mensen hebben vaak meerdere identiteiten, net zoals als er meerdere kledingstukken in de kast hangen. Als je weet welke kleren daar hangen, weet je wat je aan kunt trekken. Vervolgens kun je de keuze maken wat je aan wil trekken en of dat kan en past bij de situatie.”
En dat laatste is belangrijk. “Misschien kleed je je wel anders in je privéleven dan op je werk, maar zou je dat eigenlijk niet willen. Dus niet alleen jij beslist wat je aantrekt, maar de omgeving ook. De vraag is dan in hoeverre je jezelf écht kunt en mag zijn of dat je delen van jezelf aan het verstoppen of wegdrukken bent.”
Daarom wil Wang mensen met een beperking of een multiculturele achtergrond helpen om terug te keren tot de kern. “Identiteit is dus altijd een samenspel tussen wie jij bent, wie jij wil zijn en je omgeving. Bij mensen met een beperking zie ik bijvoorbeeld vaak dat ze zo ‘normaal’ mogelijk willen zijn. Daardoor gaan ze heel hard werken om bij de norm te horen. Met als gevolg dat ze zich overwerken. Tegen mijn cliënten zeg ik daarom altijd: je bent niet lui, lastig of vervelend als je om hulp of aanpassing vraagt. Je vraagt om kansengelijkheid.”
Inclusie
Het is vervolgens aan werkgevers om hun organisatie inclusief in te richten. “Inclusie zit in actie. Je kunt een mooie site hebben en een uitgewerkt beleid, maar uiteindelijk gaat het om de concrete stappen die voelbaar zijn voor je medewerkers. Dat zal niet meteen perfecte resultaten opleveren, maar dan ben je tenminste wel begonnen.”
Het belangrijkste is het volgens Wang om de randvoorwaarden op orde te hebben. “Je hoeft mensen met een beperking niet met fluwelen handschoenen aan te pakken. Daar gaat het helemaal niet om. Waar het wel om gaat is dat je het zo organiseert dat ook mensen met een beperking of een multiculturele achtergrond kunnen presteren en vervolgens op die prestaties beoordeeld worden.”
Naast het inrichten van processen vraagt dat ook veel dialoog, verwacht Wang. “Uiteindelijk moet duurzaam diversiteit- en inclusiebeleid gedragen worden door de top van de organisatie. Zij zijn de rolmodellen die inclusief gedrag laten zien en de dialoog stimuleren. Daarvoor is het belangrijk om in elkaars belevingswereld te stappen. En dat is best een pijnlijk proces, maar we zullen dan het ongemak moeten omarmen. Pas als het lukt om zulke gesprekken te voeren, komen we verder.”


