Bij het debat over het Brede Offensief, bedoeld om de Banenafspraak gemakkelijker uitvoerbaar te maken voor werkgevers en werkzoekenden, werden vorige week meerdere moties ingediend. Gisteren werd er gestemd. 100.000 banen-boegbeeld Aart van der Gaag noemt de voortgang ‘goed, maar onvoldoende.’
Vorige week werd al duidelijk dat de Tweede Kamer voorstander is van de uitvoering van het Breed offensief, dat tot doel heeft meer mensen met een arbeidsbeperking aan het werk te krijgen. Een meerderheid kon zich eveneens vinden in de voorgenomen verbetering van het fundament onder de Participatiewet.

Vijf aan inclusie en de Banenafspraak gerelateerde moties, die bij het debat werden ingediend, zijn gisteren aangenomen:

  • over een landelijk beeld van de manier waarop gemeenten participatiemiddelen uitgeven &
  • over het vermijden van een harde knip in de nieuwe giftenregeling. (Ingediend door D66-kamerlid Annemarijke Podt).
  • over ondersteuning aan gemeenten om de uitzonderingen op de kostendelersnorm niet onnodig restrictief toe te passen. (Ingediend ChristenUnie kamerlid Don Ceder).
  • over het verkennen of (en hoe) het effectief kan zijn om bijstandsgeld in te zetten voor begeleiding en scholing voor mensen. (Ingediend door Hilde Palland van het CDA).
  • over een plan van aanpak om de prestaties van overheidswerkgevers in de Banenafspraak te verbeteren. (Ingediend door Daan de Kort van de VVD).

Nog stappen nodig
Aart van der Gaag, boegbeeld van het project ‘Op naar de 100.000 banen’, bekijkt de voortgang van het Breed offensief met gemengde gevoelens. “Beter laat dan nooit”, stelt hij. “De wetten liggen al jaren op de plank en de huidige stemming in de Kamer laat zien dat het echt niet nodig was om dit controversieel te verklaren. Dus dat is echt een gemiste kans. In lagere regelgeving is er al veel aangepakt. Dit zijn allemaal goede stappen, al is het uiteraard onvoldoende. Er zijn nog grote stappen nodig om de regelgeving verder te vereenvoudigen en een inclusieve arbeidsmarkt dichterbij te brengen.”

Dat weten de minister en het ministerie ook, meent Van der Gaag. Hij benadrukt dat vereenvoudiging van de regelgeving niet alleen belangrijk is voor de Banenafspraak zelf. “Er lopen overleggen om een bredere groep mensen – tot 200.000 – met een aan de Banenafspraak gelijk instrumentarium naar de arbeidsmarkt te begeleiden. Daarvoor zou het goed zijn om een nieuwe start te kunnen maken met een bredere aanpak en gemakkelijker toepasbare regels.”